0

Monumentaal boekwerk in drie delen

Geplaatst door Johan op 23 mei 2019 in liedboeken, liederen, nieuws |

Roland Desnerck is wereldberoemd in Oostende en bracht in eigen beheer zijn zoveelste boekwerk uit over zijn bakermat Oostende, de Oostendenaars en hun geschiedenis. Zijn laatste exploot werd een trilogie omdat 1015 liedjes – waarvan bijna de helft mét muziekpartituur – in één boek proppen onpraktisch was. In “Muzikaal Erfgoed van Oostende” valt dus één en ander te ontdekken!

De auteur “beperkte” zich tot liederen uit de periode 1600-1945, de periode dus waarin de marktzangers niet uit het straatbeeld waren weg te slaan.

Het eerste deel dat een jaar geleden verscheen, bevat liederen i.v.m. de geschiedenis van Oostende, de zeemans- en vissersliederen, de moordliederen.
In het tweede deel komen de “Kluchtliederen” aan bod over kermis, vrijen, huwelijk, pastoors en nonnetjes…
Het derde deel, pas verschenen, bundelt treurliederen over mislukte liefde, weeskinderen, oorlog.

Niet alle liedjes zijn puur Oostends erfgoed. Soms volstond de vermelding van “Oostende” ergens in de tekst om het op te nemen of het feit dat het werd ontdekt in een liedjesschrift van een Oostendenaar en bijgevolg ooit in Oostende gezongen.

De auteur geeft telkens keurig de bronnen van zijn vondst of andere vindplaatsen aan en hij heeft zeer veel moeite gedaan om de bijpassende zangwijzen terug te vinden én te publiceren. Dat laatste is niet altijd gelukt maar we weten uit eigen ervaring dat dit inderdaad niet evident is. We zullen dus op deze website ons best blijven doen om die ontbrekende melodieën stelselmatig op te sporen en aan te bieden 🙂

Ondertussen kunnen we deze 3 volumineuze naslagwerken alvast aanbevelen bij iedereen die zijn bibliotheek wil aanvullen met een schat aan oude liederen.

Het vergt overigens enige moeite om die boekwerken aan te schaffen als je ver van Oostende woont: ze zijn aldaar “in alle Oostendse boekhandels” te koop maar de gewone boekhandel en hun online varianten hebben ze vooralsnog niet of niet meer. Uitzondering zou “Storesquare” moeten zijn die ondermeer samenwerken met “Maison d’Art – Oostende”. Daar zijn momenteel deel I en deel II in de catalogus opgenomen.

0

Is Hitler dan zo’n ezel?

Geplaatst door Johan op 20 mei 2019 in cahiers, liederen, schrift Mathilde Crickx, WOII |


Lied nr. 52 in het “Liekensboek Van Mathilde Crickx, Wintam” draagt als titel “Is Hitler dan zo’n ezel?” op de melodie van “Wij leven voor de liefde”, een lied dat we niet kenden en Google ook niet. Zoeken op de slagzin “Oh Yes” in ons archief van liedteksten  leverde alleen verwijzingen naar “Tipperary” op, in dit geval duidelijk niet de passende melodie. Een vertaling? “Wir leben für die Liebe” misschien? Bijna juist! We kwamen uit bij Zarah Leander – een superster in de jaren 30 – en het lied “Mein Leben für die Liebe”, geschreven door Michael Jary in 1942. “Oh Yes” bleek oorspronkelijk “Jawohl” (en “Oh nein!”) te zijn.

Zarah Leander (1907-1981) nam afscheid van haar meisjesnaam Sara Stina Hedberg bij haar huwelijk met Nils Leander. Ze was in Nazi-Duitsland zeer populair – wat haar na de oorlog parten speelde – maar ze was geboren en getogen in Zweden en in 1942 al verliet ze wijselijk Duitsland.

Haar donkere stemgeluid deed een beetje denken aan Marlène Dietrich en in Vlaanderen beschikte La Esterella over een vergelijkbaar timbre.

Haar populariteit bij de Nazi’s was allicht de reden waarom een marktzanger of cabaretier een lied van haar als zangwijze koos voor het beschimpen van Hitler. We nemen aan dat het lied pas in het openbaar werd gemaakt en gezongen toen de strijd zo goed als gestreden was… Wie de tekst schreef werd veiligheidshalve toch maar nergens vermeld!

Is Hitler dan zo’n ezel?

656 [A] onbekend [C] Michael Jary (1942)

’k Hoor alle dagen
de mensen vragen
en zuchten op dien droeven oorlogstijd.
Al die ellende
die men ooit kende
ja, Hitler, gij de oorzaak daarvan zijt.

Is Hitler dan zo’n ezel? Oh Yes
Hoort gij dat stil gefezel? Oh Yes
Die bende moet verdwijnen,
hun heersen is gedaan,
nu moet er die miljoenenmoord’naar aan.
Laat hem maar fusilleren, dat zwijn
of laat hem maar kreveren, vol pijn
Zovelen zijn door hem van ’t leven beroofd.
Loontje komt om zijn boontje, beloofd!

Zijn eigen mensen
die hem verwensen
die vragen langen tijd reeds naar de vrêe
Dien bloedhond echter
wordt steeds maar slechter
hij kent wel hunne wens, doch lacht er mee.

Een zal het komen
dat zijne dromen
als rook in het ijle zullen vergaan.
Dan zal hij kreunen,
zuchten en steunen,
als hij voor zijne rekening zal staan.

Partituur * Is Hitler dan zo’n ezel ? *
      1. instrumentaal (met intro)

Tags:

2

Door het spleetje van ’t gordijn

Geplaatst door Johan op 13 mei 2019 in liedbladen, liedboeken, liederen, Spot & Ironie |

Een lied dat we terugvinden in de “Kluchtige en politiek liedjes van Karel Waeri” (19e eeuw) en eveneens tussen de “Vlaamsche Kluchtliederen” van zijn tijdgenoot en uitgever Alphonse Janssens (1836-1915) uit Antwerpen die als tekstschrijver Paul Billiet vermeldt.

Janssens heeft zoals gewoonlijk een eigen gekunstelde melodie bedacht maar Waeri zong het op de tonen van “Toone de knecht” en “De spiegelkast“.

Het lied bleef populair bij het begin van de 20e eeuw, het stond bijvoorbeeld op het repertoire van Jan Van Wulpen uit Oostende en Willy Lustenhouwer kon het na WOII nog optekenen in Brugge, met een melodie die vrijwel overeenkomt met  de “spiegelkast”.

Harrie Franken hoorde een variante vaak zingen op familiefeestjes door zijn moeder Drieka Verhoeven. De melodie is duidelijk afkomstig van de versie van Waeri maar door overlevering voorzien van een soort refrein.

Harrie Franken kon het lied niet thuisbrengen en veronderstelde dat het circa 1920-1930 in Nederlandse cabaretten werd gecreeërd. Niet dus …

Het lied wordt in de mond gelegd van een jong meisje want een lastige vraag wordt gesteld aan de mama en die zegt “werk liever voort!”. Dat is een situatie die eind 19e eeuw zeker niet met de zoon des huizes kon voorvallen…
Het onschuldige meisje stelt zich dus vragen maar het antwoord moet ze uiteindelijk zelf zien te vinden “door het spleetje van ’t gordijn”.

Door het spleetje van ’t gordijn

Toen ik vroeg aan mijne moeder: liefde, wat beduidt dat woord?
Werd zij boos en zei me bitsig: doet maar gauw met werken voort!
Daarmee was ik nog niet wijzer, maar ik zocht zo lang en fijn
tot ik ‘t ben te weet gekomen door het spleetje van ‘t gordijn

Tot ik ‘t ben te weet gekomen
door het spleetje van ‘t gordijn

Mieke was het van hierover die een blijde uitroep liet
bij het zien van enen jong’ling die zij hare minnaar hiet.
Menig zoentje werd gegeven, ‘t ging er druk van liefste mijn,
dat zij mij niet eens ontwaarden door het spleetje van ‘t gordijn

Dat zij mij niet eens ontwaarden
door het spleetje van ‘t gordijn

Moest ik u nog eens vertellen wat er verder nog voorviel,
o, ‘t zou mij onmoog’lijk wezen, ‘t trof mij diep tot in de ziel.
Innig klopte mij het hartje, ‘t deed mij goed en ‘t deed mij pijn
maar toch bleef ik gaarne blikken door het spleetje van ‘t gordijn.

Maar toch bleef ik gaarne blikken
door het spleetje van ‘t gordijn.

Sedert moet ik niet meer vragen wat de liefde is, alras,
had ik ook al ene minnaar, die mijn leraar verder was.
Moeder waant mij nog onnozel en ik laat haar in de schijn,
maar ik kijk niet meer lijk vroeger door het spleetje van ‘t gordijn.

Maar ik kijk niet meer lijk vroeger
door het spleetje van ‘t gordijn.

Zo gebeurt het hele dagen, moeder zwijgt voor ‘t heil van ‘t kind,
maar het kind dat zoekt zolange tot het er het raadsel vindt.
Zo was ‘t vroeger, zo is ’t heden, en zo zal het morgen zijn:
‘t kindje wordt wel eens verstandig dankzij ‘t spleetje van ‘t gordijn.

‘t Kindje wordt wel eens verstandig
dank zij ‘t spleetje van ‘t gordijn.

Partituur * Door het spleetje van ’t gordijn *
      1. instrumentaal

Tags:

0

De lustige dopper

Geplaatst door Johan op 7 mei 2019 in liedbladen, liederen, Spot & Ironie |

In 1966 publiceerde Julien De Vuyst in de Mededelingen van de Heemkundige Kring van Mere (jaargang VI nr 1) onder de titel Marktzangersliederen uit Mere een bespreking van enkele “vliegende blaadjes” die hij kreeg uit handen van Oscar Van Impe (de tekstschrijver en accordeonist) die er eertijds mee op straat ging, samen met Philemon Slagmulder (de voorzanger) uit Nieuwerkerken.

Over “De lustige dopper” schrijft De Vuyst:

Het handelt over het in voege brengen van de werklozensteun en het misbruik dat er toen - noch meer noch minder dan nu - van gemaakt werd. De werkloze wordt afgestompt door de miserie in de krisistijd en trekt zich van het ware gemeenschapsleven niet veel meer aan. Hij tracht de moeilijke toestanden te omzeilen met drinkpartijen die hij zich veroorlooft met zijn «dopgeld». Het misbruik wordt in dit sociaal lied aan de kaak gesteld terwijl tevens uitdrukkelijk de spot gedreven wordt met het verhogen van deze geldelijke steun.

Oscar Van Impe leende de melodie van “Ik ben in Parijs geweest” (Louis Dupont, 1935) om zijn satirisch lied te laten (mee)zingen. Die zangwijze kenden we al van  Als gij maar poen bezit maar wie Louis Dupont was hebben we nog niet kunnen achterhalen. Er is geen enkel ander lied of plaatopname te vinden van deze auteur. Het zou wel eens ’n schuilnaam kunnen zijn van een Nederlander – de originele partituur werd in Amsterdam uitgegeven-, misschien gebaseerd op het  feit dat Edith Piaf – notoire vertolkster van liederen over Parijs – op 17 jarige leeftijd moeder was geworden van een dochter “verwekt door Louis Dupont, een koerier” aldus Wikipedia. Anderzijds is Louis Dupont gewoon het gedoodverfde  Franse equivalent van Kees Jansen of Jan Peeters …

Vanwaar de termen “dopper” en “gaan doppen” afkomstig zijn is ook niet helemaal duidelijk. Ik vond enkele min of meer plausibele verklaringen:

  • het is omdat een stempelaar de stempel eerst in de inkt moet “doppen” vooraleer de dopkaart af te stempelen
  • het komt uit Zuid-Afrika waar de wijnboeren een “dopstelsel” hanteerden waarbij arbeiders gedeeltelijk in wijn werden uitbetaald
  • het verwijst naar hongerige mensen in armoede die een droog stukje brood in gesmolten vet “dopten” om de honger te stillen.

De lustige dopper

Als ik U iets mag zeggen,
luister eens goed naar mij;
ik zal ‘t U klaar uitleggen,
want dit geldt ook voor mij.
Wie is niet van dè mode,
met zulke crisistijd,
men hoeft niet meer te werken,
als gij nen dopper zijt.

We hebben ‘t ver gebracht,
wie had het ooit gedacht.
Vroeger was het een ander spel,
elk stond in’t zweet tot op zijn vel.
Maar nu is dat gedaan,
nu dat den dop bestaat.
Wekelijks onzen versen poen,
meer is er niet vandoen

Nu gaan wij ‘s zondags zwieren;
Wij zijn op ons gemak,
Zijn er soms die trakteren,
Aan huis wordt niet gedacht.
Zijn wij wat overzopen,
En weegt de kop wat zwaar,
‘t Zal toch niet veel generen,
Om naar den dop te gaan.

Schiet er een franksken over,
‘t komt er zo goed van pas.
Den dop nog maar gekregen,
nu rechtstreeks om een glas,
en zo gaan wij door ‘t leven,
wij zijn er geerne bij,
‘t staat in ‘t dagblad te lezen,
vijf per honderd erbij

Partituur * De lustige dopper *
      1. instrumentaal

Tags:

0

Collaborateurs

Geplaatst door Johan op 3 mei 2019 in cahiers, liederen, schrift Mathilde Crickx, WOII |

Mathilde Crickx vermeldde in haar liedjesschrift meestal de “zangwijze” van de liedjes, wat het voor ons iets makkelijker maakt om die terug te vinden…




Ook de originele tekst van “Angelina” staat in haar schriftje. Dat is een compositie van Jack Bulterman voor het orkest “The Ramblers”, en zoals gewoonlijk bij die Nederlandse  big band is het een swingende foxtrot. In de opnames die bij YouTube e.d. te bekijken zijn wordt overigens alleen het refrein gezongen en gespeeld…

Uit de inhoud van “Collaborateurs” kunnen we opmaken dat de tekst werd geschreven in 1945, toen de “Moffen” waren weggejaagd door de “Tommies”. De onbekende tekstschrijver is nogal creatief met zijn rijmwoorden en een rechtlijnig verhaal vertelt hij ook niet. Maar het leedvermaak druipt er vanaf. Terloops alludeert de liedmaker in de laatste strofe ook op de vele zogenaamde helden van het  verzet die in feite “kazakkendraaiers” waren en die op het laatste nippertje de patriot begonnen uit te hangen.

Collaborateurs

Collaborateurs Janverdeken
dat is toch zo moeilijk uit te spreken
Ons moeder vroeg eenvoudig naar een glas
zij dacht dat ‘t Coca-Cola was

’t Zijn toch streken,
’t zijn toch streken
Er was een collaborateur
dien ondanks zijn miljoenen
veroordeeld werd, ach wat malheur.
’t Zijn toch streken,
’t zijn toch streken
wat is een man nog met zijn geld
als al het praten der advocaten
voor gene rechter telt.

De zeepbarons die hier nog bleven
die moeten er nu gaan uitleg geven
Hoe komt het dat ge zoveel hebt verdiend,
terwijl uw volk van honger giert?

Neen, rechters laat u niet bedotten
want veel dezer grote patriotten
die bogen voor den Mof hun lijf in twee
nu juicht dat met den Tommie mee

Partituur * Collaborateurs *
      1. instrumentaal

Tags:

0

Droomland

Geplaatst door Johan op 30 april 2019 in cahiers, liederen, schrift Mathilde Crickx, WOII |

We vonden dit lied in het schriftje van Mathilde Crickx uit Wintam als lied nr 30.




Dat kwam niet van een marktzanger maar hoorde ze allicht op een 78-toerenplaat gezongen door Willy Derby in 1934.

      1. Droomland - Willy Derby


Na de oorlog nam ook Willy Alberti het op zijn repertoire, eerst in een duet met Ans Heidendaal en later met zijn neef Johnny Jordaan.

De liedjes in het schrift van Mathilde Crickx werden allemaal uitgebracht tijdens WOII en werden door haar allicht klandestien beluisterd op de radio via zender Hilversum. We veronderstellen dus dat zij dit lied leerde kennen via die weg en de aldaar gedraaide platen van Derby die immers een oorlogsslachtoffer was.

De nederlandse tekst werd in 1934 geschreven door een zekere Johnny Ditch en dat blijkt een pseudoniem te zijn van muziekuitgever J. Poeltuyn waar Derby mee samenwerkte. De muziek vond uitgever Poeltuyn bij “Beautiful Isle Of Somewhere“, een lied geschreven door John Sylvester Fearis (1867-1932).
Hoewel het lied werd geschreven toen WOII nog niet begonnen was bleek het achteraf wonderwel aan te sluiten bij de naar bevrijding snakkende bewoners van de Lage Landen. Nergens wordt expliciet de agressie van het Duitse leger veroordeeld, zodat de censuurschaar werd vermeden, maar het verband is duidelijk.

Droomland

Heerlijk land van mijn dromen
ergens hier ver vandaan
waar elk zo graag wil komen
daar waar geen leed kan bestaan

Droomland, droomland
o ik verlang zo naar droomland
daar heerst steeds vrêe
dus ga met mij mee
samen naar ’t heerlijke droomland

’k Ben daar zo vaak aan ’t dwalen’
k hoor naar der voog’len lied
’t Is of ze mij verhalen
van al het schoon dat men ziet

Zwerver, gij vindt daar vrede
zieke, gij kent geen pijn
Daar wordt geen strijd gestreden
daar allen broeders toch zijn.

Daar vindt men jeugd en vreugd weer,
kent men geen arm, geen rijk
Daar is geen zorg en smart meer,
allen zijn wij daar gelijk.

Partituur * Droomland *
      2. instrumentaal

Tags:

Copyright © 1995-2019 Wreed en Plezant Alle rechten voorbehouden.
Deze site is met behulp van deMulti kind-thema, v2.2, bovenop
het bovenliggende themaDesk Mess Mirrored, v2.5, vanBuyNowShop.com