0

Gruwelijke misdaad te Couckelaere (1929)

Geplaatst door Johan op 19 september 2020 in liedbladen, liederen, Over Moord & Rampen |

A. Van Peteghem uit St-Amandsberg-Gent moet dit krantenbericht grondig gelezen hebben en er dan een lied over hebben gemaakt en verspreid:

In het lied somt hij ongeveer alle details op die ook in dit krantebericht aan bod komen, uitgezonderd de naam van het jonge slachtoffer Alfons Toortelboom.

De dader was nog niet gekend toen het lied al werd gezongen. We hebben in de krantenarchieven ook geen bericht meer gevonden over het vatten en veroordelen van de dader.

De zangwijze “Sous le soleil Maroquin” (sic) kenden we al van Tamboer en “Brussel in de nacht“.

Gruwelijke misdaad te Couckelaere (1929)

[A] A. Van Peteghem [C] R.Desmoulins (1925)

Al op een pachthof bij een weduwvrouw
is het huisgezin gedompeld in rouw.
In vakantietijd verbleef daar een kind,
het werd met liefde door elkeen bemind
Een wreden beul heeft daar ongestoord
het arme schaap zeer laffelijk vermoord.

1.2.3. Daarvoor moet men monster zijn
om zo een kind te brengen om het leven.
Het schaap stierf in smart en pijn,
dien beul was toch in alle kwaad doordreven.
’t Roept om wraak voor God en wet.
Wat groot verdriet al voor die brave moeder.
Zij zucht: ach God, wat moet ik nu toch doorstaan?
’k Zal er van het graf in gaan.

Op een donderdag in den achternoen
ging het kind alleen wand’len in het groen.
Terwijl de vogels daar zongen hun lied
wierd ’t onschuldig kind door een beul bespied.
Een ploegkouter had hij in de hand,
met dat moordtuig heeft hij ’t kind aangerand.

Hij sloeg het op ’t hoofd
met een groot geweld.
’t Kind slaakte een kreet, en ’t lag neergeveld.
En ’t onschuldig bloed spatte in het rond,
door dien eersten slag was het erg gewond.
Maar dien tiran, ja, dat wilde beest,
die sloeg maar voort tot dat het gaf den geest.

Dan stak hij het lijk in enen zoutzak,
hij wierp in een gracht het bebloede pak.
Hij keek behoedzaam dan al in het rond
maar geen enen mens die zich daar bevond.
Niemand had ’t gezien, niemand had ’t gehoord,
de moordenaar liep dan zeer haastig voort

4.5.6. O, gij laffe moordenaar,
de geest van ’t kind zal voor uw ogen zweven.
O, gij wangedrocht, barbaar,
gij zult geen rust meer vinden in het leven.
En gij, martelaarke zoet,
ge zijt bij God en in het koor der eng’len,
van uw moeder en familie weggerukt,
als een bloem, te vroeg geplukt.

Toen Alfons ’s avonds dan naar huis niet kwam
wierd de grootmoeder van de schrik schier lam.
Als haar kinders dan ook kwamen naar huis
zei ze hen algauw: die zaak is niet pluis.
Men ging op zoek, ja terzelfder stond,
zodat men daar ’t bebloede pak ook vond.

Het parket werd van die moord ingelicht
en het heeft zich gauw ook daarheen gericht.
Helaas, den dader werd nog niet ontdekt,
dat heeft onder ’t volk grote schrik verwekt.
’t Kind werd beklaagd, ja door iedereen,
en aan zijn graf was er smart en geween.

Partituur * Gruwelijke misdaad te Couckelaere *
      1. instrumentaal

Tags:

0

Martha, liefde tot der dood

Geplaatst door Johan op 15 september 2020 in cahiers, liedboeken, liederen, Over Liefde & Verdriet |

Gepubliceerd in “Zo de Ouden Zongen”, Walther Van Riet, pag. 439-440 met muziek

We vonden het ook in een krantenbijlage (verzameling Jan Devos MUZ0727 en liedblaadjes uit Izegem MUZ0656)



En KVLV Herne bezorgde ons indertijd na een optreden hun liedjesboek (MUZ0362) waarin het eveneens te vinden was. Alleen bij Van Riet werd de melodie opgetekend en gepubliceerd. Het is best mogelijk dat de 2 andere bronnen een afwijkende melodie lieten horen maar aangezien we daar geen beluisterbaar exemplaar van vonden weten we het niet. Het staat qua inhoud en stijl dicht bij andere liederen die dateren van rond 1900 en ook nu weer heeft de mondelinge overlevering gezorgd voor lichte tekstvarianten.

Herman Van Gorp maakte voor zijn licenciaatsverhandeling “Het Volkslied in Kasterlee en omgeving” een bandopname van dit lied, gezongen door Filomeen Van der Veken-Nuyens. De tekst wijkt een beetje af maar de melodie stemt vrij goed overeen met de versie genoteerd door Walther Van Riet.

Volgens Van Gorp is de melodie gebaseerd op een aria uit de opera “Martha” van von Flotow. Bedoelde aria “Die Letzte Rose” is op zijn beurt dan weer afgekeken van een oude Ierse melodie waarop Thomas Moore het gedicht “The Last Rose of Summer” schreef in de 18e eeuw. En nog  voor Flotow het deed verwerkte ook ondermeer Ludwig van Beethoven die melodie in één van zijn composities, in 1814 namelijk. Maar hoe getrouw de oorspronkelijke melodie in deze volksversie van “Martha” bewaard is gebleven kan u hieronder zelf beoordelen. In de schitterende uitvoering van “The Last Rose of Summer” door “Celtic Woman” is het moeilijk om de volkse afgeleide van de melodie te herkennen …

Martha, liefde tot der dood

[A] [C] onbekend

Martha was een schone vrouwe
zeer mild door de natuur bedeeld.
Daardoor werd ze gauw door de liefde gestreeld
door een jongeling, ook een beeld.
Hij wist gauw haar liefde te winnen
want Martha die schonk hem haar hart.
Hij noemde haar zijn zielsvriendinne,
De redster van zijn liefdesmart.

Zij gingen wandelen al in een bos,
naast schone bloemen, in ’t groene mos
waar vog’len zingen vrolijk hun lied,
waar ’t bietje gonst, en naast u vliegt.
Daar op een berg, zo hoog en zo groot
zwoer hij de liefde vast tot ter dood.
En met het hartje vol liefdegloed
kuste hij Martha zoet.

Maar ach, deze zalige stonden,
die braken nu spoedig weer af.
Die schoonheid ontnam men van ’t meisje zo braaf,
want Martha werd ziek, och hoe straf.
Haar redder, haar hoop was verloren.
De dood zag zij zweven rond haar.
Neen, niemand kon haar nog bekoren,
alleen haar geliefde minnaar.

En naast het ziekbed zat hij vol smart,
die haar beminde met ziel en hart
zag haar verkwijnen, zij die was schoon,
gelijk de sneeuw, de sneeuw voor de zon.
Hij sprak: “o Martha! Spreek nog een keer.”
maar al met eens, haar hoofdje viel neer.
“Wat?” riep hij, “gaat gij voor eeuwig heen
en laat mij hier alleen?”

Ziet gij nu dien jongeling dwalen,
’t is Hendrik dien jongen die lijdt.
De beelt’nis van Martha volgt hem schier altijd,
tot sterven is hij ook bereid.
Hij denkt soms aan vroegere tijden
toen alles nog sprak van geluk.
Maar nu vindt hij aan zijne zijde
miserie, smart en ongeluk.

En dagelijks wandelt hij in het bos
naast schone bloemen, in ’t groene mos
waar vog’len zingen vrolijk hun lied,
waar ’t bietje gonst, en naast u vliegt.
Daar op dien berg zoo hoog en zoo groot
zwoer hij de liefde vast tot ter dood.
Neen, nooit beminde hij nog een vrouw,
zijn eed die bleef hij trouw.

Partituur * Martha, liefde tot der dood *
      1. instrumentaal
      2. zang Filomeen Nuyens (1975)

Tags:

0

Neutraal Holland

Geplaatst door Johan op 12 september 2020 in liedbladen, liederen, Wereldoorlog |

Zowat 6 jaar geleden stuurde Wim Van der Elst uit Laken ons per e-mail een paar scans van liedbladen uitgegeven voor rekening van marktzanger Pierre Verelst uit Laeken en gedrukt bij “De Vlaamsche Leeuw” in Evere.

Volgens de onderwerpen van die liederen moet het liedblad gedrukt zijn in de periode 1914-1918. In totaal 6 liederen waarvan eentje in twee taalversies, maar zonder vermelding van melodie.
Van het lied “Le Mariage de Madelon” kennen we de melodie, zie ondermeer “Sale Cochon”, dus ook van de vertaling op zijn liedblad “De Trouwfeest van Madelijn”. Maar van de rest vonden we de zangwijze nog niet terug.

Behalve ondertussen van “Neutraal Holland” met als opgegeven zangwijze “Juf pas op je pitje”. Die melodie is ons bij nader toezien beter bekend als “Hou je goed, mijn jongen“, alias “Keep the Home Fires Burning” uit 1914.

De tekst vinden we ook terug via de Nederlandse Liederenbank op enkele andere liedbladen, waarvan eentje waar op de keerzijde de naam van de auteur is vermeld.

Frans Rombouts was een zeer ijverige liedjesschrijver-drukker die maar al te graag liedjes doorverkocht aan marktzangers en we nemen aan dat Pierre Verelst keurig heeft betaald voor het gebruik van dit lied.
Rombouts – een Nederlander van net over de grens en ook actief in Vlaanderen – heeft kritiek op het zich afzijdig houden van de Nederlandse overheid tijdens WO I, ook al omdat het uiteindelijk niet hielp om de nederlandse bevolking ver van alle miserie te houden.

Neutraal Holland

[A] Frans Rombouts [C] Ivor Novello

Holland met zijn malse weiden,
Holland met zijn stapels vee;
Holland met zijn vruchtbare akkers
en zijn rijkdom in de zee.
Holland, land van melk en boter,
land van eieren, vlees en spek.
Holland heeft haast niets te bikken,
‘t rijke Holland lijdt gebrek.

‘t Is hier heus geen laster,
snoer je riem maar vaster,
zet je maag maar in het zout
voor louter behoud.
Heb je niets te bikken,
hoef j’ook niet te slikken,
iedereen weet wijd en zijd,
‘t is voor onze neutraliteit.

Holland bleef wel vrij van oorlog,
die Europa zette in gloed.
Overal was diepe ellende,
slechts in Holland bleef het goed.
Maar het voedsel dat wij hadden
ging naar buiten heen gezwind.
Holland hoefde niet te eten,
Holland leeft wel van de wind.

Nu moet Holland honger lijden,
alles raakt zo langzaam op.
Nog een poosje kan het duren
en dan is het mondje stop.
Ieder bijt dan op een houtje,
snoer je gordel vaster aan,
zucht: God hoedde ons voor oorlog
maar zo is’t ook niks gedaan.

Prijs die held die ons een poos nog
zal bewaren voor d’ellend’.
Godzijdank d’er is nog eten,
dankzij Posthuma’s talent.
Twee ons(1) brood en nog een beetje,
‘t is toch meer dan bij de buur
en ‘t is goed om vast te wennen
aan een latere hongerkuur.

Vier ons brood in Februari,
drie ons nog in Lente maar,
drie ons is ‘t een maandje later,
drie ons werd voor Mei bewaard.
En dan als de lieve zomer
komt in ‘t landje aan de zee
zijn wij allen naar de Hemel,
ieder neemt zijn broodkaart mee.

Partituur * Neutraal Holland *
      1. instrumentaal


(1)Het ons is een oude maat van massa. In het spraakgebruik is één ons gelijk aan 100 gram.
Voor de invoering van het huidige metriek stelsel was een ons meestal ca. 30 gram en was het 1/16 van een pond (ca. 480 gram) of 1/12 van een medicinaal pond (ca. 375 gram). Het ons was zelf onderverdeeld in acht drachmen of drachma’s.

Tags:

0

Mijn geboortedag

Geplaatst door Johan op 8 september 2020 in liedboeken, liederen, Spot & Ironie |

Op basis van een bandopname door Herman Van Gorp bij Lien en Emma Kennis, Kasterlee. De gebruikte melodie is een verbastering van “Sur l’air du tralala”.

Een licht afwijkende versie is te vinden in “Van Zingen en Speule 9-12”, pag 53 (onderdeel van “Kroniek van de Kempen”, jaargang 1990). Harrie Franken veronderstelt hierbij: “Vooral in Midden-Brabant was het liedje, dat me lijkt te stammen uit de cabaretwereld, populair.” Hij heeft het dan over het Nederlandse Brabant.

uit “Kroniek van de Kempen deel 10/1990

Mijn geboortedag

[A] [C] onbekend

Den dag zal’k niet vergeten toen
dat ik ter wereld kwam
en toen papatje mij alzo
in zijne armen nam.
Eerst gaf hij mij een zoen,
toen wierp hij mij op ‘t bed
omdat ik draaide op zijn vest
een bruine omelet

O fiedeldadeldie
dien dag vergeet ik niet
O fiedeldadeldie
dien dag vergeet ik niet

Den dag dat ik gedoopt werd
die vergeet ik ook niet licht.
Pastoor die zei: “Wat heeft dat kind
toch voor een raar gezicht?
Geen ogen en geen neus,
ik sta verbouwereerd!”
Ik zei: “Pastoor, doop mij zo niet,
ge houdt mij omgekeerd.”

Toen ik moest leren lopen, ja,
dat ging ook lang niet glad.
’k Viel dikwijls van de sokken
maar meestal op m’n gat.
Mijn moeder riep op mij,
ik huilde als een beer.
Toen kuste zij mij op een plaats
daar doet z’het nooit niet meer!

De dag dat ik de broek aan kreeg
vergeet ik ook niet licht
van voren was die open
en van acht’ren was die dicht.
Ik deed verkeerd haar aan,
dat was een lastig ding,
toen wist ik niet of ’k binnen kwam
of da’k de deur uit ging.

De dag dat ik naar school moest, neen,
dat ging mij ook niet af.
Ik zat nooit in de banken
want meestal had ik straf.
Dan moest ik in de hoek,
de lei(1) al in mijn hand,
wat had ik aan die school toch zo
verschrikkelijk het land

Zo gaat men door het leven
vandaag goed en morgen slecht.
Mijn moeder zei dan telkens weer:
“Van jou komt niets terecht”
Maar kijk, zo door den band
is het heel goed gegaan:
ze zijn nu wel tevreden
en ook ik ben zeer voldaan.



(1) Tot en met Expo ’58 werd er in de eerste leerjaren niet met potlood, laat staan met pen en inkt op papier geschreven, maar kreeg men een “griffel” om op een ingekaderde leisteen te krassen, afgezien van de kostprijs de verre voorvader van de iPad. (Of beter nog: diens prototype , de Newton, maar die kent vrijwel niemand meer.) Papier was immers zeldzaam en duur. Met een natte spons was het geschrevene dan weer te verwijderen.
Dat griffelen maakte nogal wat lawaai zodat de leerkracht ook zonder kijken wist of er vlijtig gewerkt werd.
In de “griffeldoos” zaten dus stenen schrijfstokken en een sponsje. Op de museumfoto hierbij staat verkeerdelijk een houten “pennendoos” met naast enkele griffels ook plaats voor … pennen, potloden en een meetlat, met bovendien een ronde uitsparing voor een inkpotje. Aan het touwtje hing waarschijnlijk ooit een sponsje.
Partituur * Mijn geboortedag *
      1. instrumentaal
      2. Lien en Emma Kennis, Kasterlee (1975)

Tags:

0

Liefdesdrama (1905)

Geplaatst door Johan op 5 september 2020 in liedbladen, liederen, Over Liefde & Verdriet, Over Moord & Rampen |

Berend Kielstra (1871-1905) werd kort na zijn dood vereeuwigd op een (anoniem) marktzangersliedblad.

(klik om in te zoomen)

Op de wijze van “Bij het ouderen graf” vernemen de toehoorders wat deze man – met naam genoemd – had meegemaakt: hij had zijn geliefde “Anna” met drie kogels beloond omdat ze hem had afgewezen, waarna hij zichzelf neerschoot. En dan stopt de tekst op de liedbladen die bewaard worden in de Nederlandse Liederenbank en in Het Geheugen van Nederland
Misschien is men daar vergeten om de achterkant van het liedblad te scannen of heeft men enkel gecensureerde versies in handen gekregen want in het boek “Huilen op de Kermis” (Dr. Tjaard De Haan, uitg. Kruseman, Den Haag, 1968) volgen er nog twee strofen met gruwelijke details.
De Haan vond die volledigere versie in een “Volksmondlezing” van het drama. Hij weet dat de “Anna” van het lied feitelijk Wiechertje Köllen heette en H. Schreur, secretaris van de Giethoornse V.V.V. vertelde hem anno 1953 het volgende over dit liefdesdrama – alsof hij er zelf bij was (quod non) en … in de plaatselijke tongval:

 Berend Kielstra, n jüngeman uut Stewekerwüld, had 'n ügien üp Wiechertien Köllen in 't Nüürdende van Gietern. Hij adde 't al zo' wied ebrücht, dat y geregeld by eur müch kümmen, müar de liefde van zien kaante waas ienege grüaden eveger as van eur. 
De verkerenge kwaamp in 't leste min üf meer üp n dood punt. Y was an trüuwen tüe en iederkeer, ünt y bij eur kwaamp, drung y stiever en stiever üp n besluut in de richtege van de burgerlijke stand an. Moar altied adde ze 'n smoezien kloar üm 't uut te stellen. Dat meuk in 't leste dat de galle om overleup en de zenegen om parten speulden. 
Op 'n middag waas Wiechertien buten deure, tüe de Steweker lappieskerel Gokkes op eur toestapte. "Gemürn, Wiechertien, mos 'r vandège nog wat wezen, mègd?" "Och, dat wee'k zo niet; moar goa d'r in jong, dan kan 'k wel ies kieken, üj nog wat veur my in de marze emmen."
Gokkes gonk mit Wiechertien in uus. En toen ze drok mit de lappies an 't uutzeuken waren, kwaamp Berend binnen. Y zag er ügenschienlek normaal uut, moar inwendeg waas y knap uut 't lood. Zonder üp Gokkes aacht te geven, vreug y Wiechertien: "En wanneer goa w' nüu trouwen? Ik wil binnen de veertien dègen onder de geboden, en a-j' mog uutvlochies emmen, zu-j' gewèèr würden, da-'k my niet langer veur 't ükke loäte olden." Wieohertien laachte wat en zee doar nou alweer mit an? Dat kan 'k zo nüu niet zengen. An trouwen bin 'k direkt nog niet toe." 
Om kürt te gaan: Berend trük z'n revolver, onder de uitroep "Dan allebei düod!" Wiechertien viel üp de gründ, en Berend, die meende dat ze düüd was, sneed zichzelf in de hals, liep bloedend naar buiten en sprong in de slüot. Hij kroop weer uit het water, en sneed zich toen resoluut de hals af. Wiechertien knapte weer op.

 

Uit de kwartierstaat van Berend Kielstra kunnen we opmaken dat dit drama gebeurde op 17 april 1905 in Giethoorn, Nederland. Berend Kielstra was weduwnaar van Johanna de Nekker, gestorven in 1903 op 30-jarige leeftijd.
Wiegertje Köllen overleefde de aanslag en bleef tot aan haar dood in 1950 in Steenwijkerwold wonen, waar ook haar belager was geboren. Ze werd 70 jaar.

De melodie “Bij het ouderengraf” verwijst naar “Am Elterengrab”, een smartlap van circa 1900

Liefdesdrama

[A] anoniem [C] “Am Elterengrab” einde 19e eeuw

Komt vrienden blijf nu even bij mij staan
En wil mij eens aanhoren
Hoe dat een man dan ook zo ver kan gaan
Zijn eigen te vermoorden
Hij hield altijd zoveel van haar
Sprak van zijn liefdezon zo klaar

Maar liefde is, dat weet eenieder wel
Op deze aard het meest gevaarlijk spel (bis)

Berend Kielstra heet die jonge man
Hij ging met Anna vrijen
Zij dacht, die jongen die bevalt mij wel
Die jongen mag ik lijden
Maar eenmaal kwam hij weer bij haar
Sprak van zijn liefdezon zo naar

De jaloezie die kwam in zijn hart
Hij leed verschrikkelijke liefdessmart (bis)

Op maandagochtend ging hij naar haar heen
Hij kon niet langer wachten
Hij sprak, mijn lief, hier ben ik heel alleen
Laat mij niet langer smachten
Maar zij gaf hem een weigerend woord
Toen dacht de jongeman aan moord

Hij sprak, zoetlief dat is de laatste dag
Dat ons de liefdezon beschijnen mag (bis)

Hij schoot driemaal achter elkaar op haar
Zij was ter aard gevallen
Hij dacht, dan ook ja nu mijn eigen maar
Wij moeten beiden vallen
Beloofde dan zijn ziel aan God
En loste op zichzelf een schot

En half krankzinnig, ook zijn leven moe
Wierp hij zijn eigen in de watervloed (bis)

Maar dan wacht’ hem nog niet de wrede dood,
hij heeft zijn mes getrokken
en sneed zich toen eens stevig in de stroot,
en toen was hij vertrokken.
Verschrik’lijk, lees en lees het weer!
Hij sneed de hals af en viel neer!

Men vond hem nog in dezen zelfden stond,
zijn lijk lag zielloos bloedend op den grond (bis)

Dus mannenmaagden, luister naar dees leer,
wanneer gij gaat verkeren,
neem dan één die ge mint en dan niet meer,
gij kunt het hiervan leren.
Het spelen met een mensenhart
baart menigeen soms bitt’re smart.

Dus bidden wij tot onze Heer en God,
dat hij ons spaar’ voor zulk een aak’lig lot. (bis)

Partituur * Liefdesdrama *
      1. instrumentaal

Tags:

0

Malse Mie

Geplaatst door Johan op 1 september 2020 in liedboeken, liederen, Over Liefde & Verdriet |

Gevonden in “Oude liedjes van het land van Asse”. (1984). Volgens de auteur van dat boek is het lied ter plekke ontstaan en waren de twee hoofdpersonages “woonachtig” in Asse. Hun echte namen ken ik niet en in het boek wordt er ook zedig over gezwegen. Misschien was dit nog parate kennis bij de plaatselijke bevolking toen het boek uitkwam.

Melodie zeer losjes gebaseerd op “Ik denk aan u” zoals gezongen door Lien en Emma Kennis, Kasterlee, 1975 (thesis Herman Van Gorp). Niet dezelfde tekst, wel hetzelfde metrum en passend bij de “Malse Mie”
Dit lijkt een cabaret-tweezang geweest te zijn, gebracht door 1 man + 1 vrouw, al of niet travestiet. In die tijd waren de verenigingen immers strikt opgesplitst in mannen- en vrouwenclubjes; bij sketches opgevoerd tijdens de clubvergaderingen moesten gebeurlijke rollen voor personen van de niet aanwezige sexe dus door verklede aanwezige leden gespeeld worden.

Malse Mie

[A] onbekend [C] Johan Morris

“Och Malse Mie, mijn hart klopt als een hamer
wanneer ik u zo vlak voor mij zie staan.
Dan is ’t zo vies in mijne bovenkamer,
zie, duurt dat voort, ’k zal er kapot van gaan.
Ik slaap niet meer sinds vele, vele weken
en eet ik iets, ’t wil niet door mijne krop.(1)
’k Heb al gepeinsd van mij van kant te steken
of ’t hangen drogen aan een eindje strop.”

“Hallo, Pier Jan, waar zijn uw droeve zinnen?
Was ik u kwijt, ’k verdronk mij in de beek.
Al zeg ik niets, mijn liefde zit van binnen
want ’k heb een hart gelijk een raap zo week.
Ik denk aan u bij ’t voed’ren van ons zwijnen,
ik denk aan u bij ’t zien van onze stier
en ’k spreek van u aan kiekens en konijnen
en niets versmacht mijn brandend minnevier.

“Och, brave Mie, aldus u t’horen klappen
trekt mij naar u, gij engelachtig ding.
’k Zou mij voor u in tweeën laten kappen,
ja, laten braden lijk een boekstering.(2)
Och, Mieken, kind, laat ons maar seffens trouwen,
mijn spaarpot barst van ’t geen ik sparen kon.
Toe Mie, zeg ja, laat mij niet langer wachten,
’k verga gelijk een sneeuwbal in de zon.”

“Ik heb er reeds mijn ouders van gesproken
en moeder, ja, die viel er nog al in.
Maar vader zei: “Wat hebt g’in ‘t hoofd gestoken,
gij zoekt de krot, gij jongemanszottin!
Al is PierJan nog dommer dan een varken,
toch kreegt ge veel PierJantjes tot uw straf.
Dan moest ge ’t vel nog van uw kneuk’len werken,
dat klein gespuis fret iemands oren af!

“Och brave Mie, ’k verneem daar droeve dingen,
uw vader is nog wreder dan een beer.
Het is pardju om uit mijn vel te springen,
had ik hem hier, hij zei ’t geen tweede keer.
Een varken? Ik? Och, Mieke houdt mij tegen
of ’k vlieg naar hem en maak hem vast kapot.
Maar u, mijn lief, u blijf ik fel genegen
en ’k breng u nooit in lijden of in krot.(3)

“Niet langer doof voor mijn bittere klachten
heeft hij op ’t laatst mijn ziel dan toch gezalfd.
Hij sprak: “’t Zij zo, maar Mie, ge moet nog wachten
tot dat ons koe, ons Blare, heeft gekalfd.”
Dan ben ik snel naar Ons-Lief-Vrouw gaan lezen,(4)
’k ontstak een kaars voor Blaar, en u, PierJan.
Drie maanden nog, dan zal de tijd daar wezen
dat Blare kalft en Pierke wordt mijn man.”

“Och, brave Mie, kom in mijn bevend’ armen,
z’is al voorbij mijn woede van daar fleus(5).
Kom met uw borst mijn kloppend hart verwarmen,
och kom da’k u wel duizend keren kus.
Straks moeten er nog honderd kaarsen branden,
dat sterkt de mens in droefheid en in pijn.
En op den koop toe nog een offerande
opdat het kalf er voor zijn tijd zou zijn.”

Partituur * Malse Mie *
      1. instrumentaal
      2. Ik denk aan u (gezusters Kennis)

(1) strottenhoofd, keel
(2) (vette) haring gebakken in de pan
(3) in armoe
(4) bidden
(5) daarstraks. “fleus” is een kortere tijdspanne dan “astree” maar langer dan “seffens” of “subiet”, al blijft het vrij vaag. Het zou allemaal wel nog dezelfde dag moeten gebeuren.

Tags:

Copyright © 1995-2020 Wreed en Plezant Alle rechten voorbehouden.
Deze site is met behulp van deMulti kind-thema, v2.2, bovenop
het bovenliggende themaDesk Mess Mirrored, v2.5, vanBuyNowShop.com