0

Ah, si j’avais 1,50 F (Whispering / Murmures)

Geplaatst door Johan op 27 september 2017 in liedboeken, liederen, Spot & Ironie |

In de tijd van de Charleston werden een heleboel melodietjes bedacht die in het collectieve geheugen zijn blijven hangen, vooral het refrein dan toch. En ze werden veelvuldig “vertaald” naar straatliederen. U kent misschien het cabaretlied “Zeg, zweet jij ook? En ik dacht dat ik het rook …” (Ain’t she sweet, see her coming down the street) en wellicht nog een aantal andere.

De Antwerpse Strangers – in de tweede helft van vorige eeuw overal gekend – brachten een LP uit met een potpourri van “contrefacts” van fox-trot / charleston liedjes. Waaronder dit:

‘k fezelde zeutekes in heur ore
oemda we niemand zouwe store
en da d’ons niemand ni zo hore
geft mij ne kus, ‘k weur zo zot lak ’n mus
mor da lief joenk da bleef mor zwijge
en ik wier nijdig op m’n eige
toen ‘k in de mot begon te krijge
da da kind ’n dove was

       'k Fezelde zuutekes in heur ore (De Strangers)


Volgens De Strangers (of iemand die een website over/voor hen maakte) is dat gebaseerd op “Whispering” van V.Youmans, een man die vele Broadway musicals schreef. Volgens onze info klopt dat niet maar  is de componist John Schonberger (1892-1983) die het bedacht in 1920 op een tekst van Malvin Schonberger, allicht familie. Volgens een andere bron is het auteurschap later toegekend aan Vincent Rose (1880-1944), pseudoniem van Vincenco Cacioppo,  voor de muziek en zou Schonberger enkel de tekst hebben geschreven, in samenwerking met Richard Coburn, maar dat is niet wat de uitgevers op de partituur schreven… Als het waar is dan is de muziek ondertussen vrij van rechten, waardoor we het aandurven ze hier weer te geven.

Het orkest van Paul Whiteman bracht 1 van de eerste opnames uit, zonder zang maar met een betoverend trekfluitje dat aan een Theremin2 doet denken. Een gezongen versie kwam er ondermeer via Jack Smith, die er zijn artiestennaam aan te danken had.

Typisch voor straatliederen en voor potpourri’s, de Strangers behielden enkel de melodie van het refrein.

In Frankrijk werd het lied door Pierre Chapelle (1876-1927) vertaald als “Murmures”  maar Boris Vian (1920-1955), die u misschien kent als “controversieel schrijver” en minder als zanger/trompettist, maakte er in 1947 een jazzy parodie van met een eigen dadaistische  tekst en ook hij liet de melodie van de strofen gewoon weg.

Een “remake” van die parodie konden we in 1995 vastleggen toen de Vlaams-Brabantse groep Koep Mezzon 1 in studio Real-to-Reel in Leefdaal een aantal skiffle-nummers kwam opnemen, de allereerste volledig digitale realisatie aldaar die echter nooit verder is geraakt dan het “demo”-stadium. Het is me niet duidelijk of ze zelf wisten waar het lied vandaan kwam, maar ze hadden alleszins weinig moeite om de tekst vanbuiten te leren…

Ah ! Si j’avais un franc cinquante
J’aurais bientôt deux francs cinquante
Ah ! Si j’avais deux francs cinquante
J’aurais bientôt trois francs cinquante
Ah ! Si j’avais trois francs cinquante
J’aurais bientôt quatre francs cinquante
Ah ! Si j’avais quatre francs cinquante
Ça m’ferait bientôt cent sous!


(Koep Mezzon eindigt zijn skiffle-versie met het pessimistische: “Je serai bientôt sans sous.”)

Partituur * Whispering etc. *
      Koep Mezzon - 1995

1 Niet te verwarren met de groep Koep Mezon die (later?) in het Antwerpse muziek maakte …
2 De Theremin is te horen in de generiek van “Midsomer Murders”
Converteer en download het hele artikel naar PDF

Tags:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Auteursrecht © 2000-2017 Wreed en Plezant Alle rechten voorbehouden.
Deze website gebruikt het Multi Child-Thema, v2.2, bovenop
het Hoofd-Thema Desk Mess Mirrored, v2.5, van BuyNowShop.com