0

Aan de kazerne (Kinderbede)

Posted by Johan on 15 maart 2017 in cahiers, liedboeken, liederen, Schrift Eugenius Koopman, Wereldoorlog |

Lode Van Camp (1925-2009) schreef voor de Heemkundige Kring van Schoten enkele bijdragen neer1 over oorlogsliederen. Zo citeert hij ook een tekst – zonder bronvermelding – onder de titel “Kinderbede”, waarin een klein meisje een gesprek aanknoopt met een vijandelijke soldaat.

Kinderbede

Ginds aan de kazerne stond op de wacht
Een van die vreemde soldaten
Opeens kwam een kind van een jaar of acht
Zeer beleefd met den krijger staan praten
’t Scheen of het meisje, ’t onschuldige kind
’t Hert van den ruwen krijger kwam strelen
Wie weet was hij ook geen vader wellicht
Want in den oorlog zijn er zo velen
En weldra zeg men den soldaat
Met ’t meisje in een zacht gepraat

Want op iedere vraag die het meisje hem stelde
Antwoorde hij heel blij gezind
Zo ook vernam spoedig het kind
Dat hij ’s anderendaags moest trekken ten velde
Om te doen zijn plicht lijk andere helden.

Ditzelfde lied vonden we ook terug in het boek “Zo d’Ouden Zongen”, waar auteur Walther Van Riet signaleert dat het op het repertoire stond van Alphonse Mora2, vermoedelijk ook de auteur ervan. Die tekstversie werd zo’n 60 jaar na WO I opgetekend in het land van Waas en de voorzanger had allicht in de loop der jaren de vergeten woorden gerepareerd.
WO I en niet WO II want ook Eugenius Koopman nam een gelijkende tekst op in zijn liedjesschrift waaraan hij begon te schrijven in 1917 en het staat tevens op de eerste pagina van een anoniem liedjesschrift3 uit Evergem, gedateerd 2 januari 1916. Kunstschilder Mora was trouwens na WO II niet meer actief als liedjesmaker..

liedjesschrift Koopman

 

anoniem liedschrift Evergem 1916

“Zo d’Ouden Zongen” van Walther Van Riet is de enige bron die we vonden waarin ook een melodie van dit lied wordt gegeven. We hebben niet kunnen achterhalen op welke populaire melodie van pakweg 1914 dit zou kunnen gebaseerd zijn, voor zover het geen originele compositie van Mora was. En ook hier zal de voorzanger er 60 jaar na datum, zonder partituur, zonder plaatopname, allicht een eigen draai aan gegeven hebben. Zo gaat dat nu eenmaal met “volksliederen”.

Aan de kazerne daar stond op de wacht

uit: “Zo d’Ouden Zongen” pag. 62


1 we vonden reproducties van die artikelen terug in een onuitgegeven studie van Elke De Greef
2 Zie “Rouwdag der ontgravene helden”
Ons in bruikleen gegeven door Ben Lommelen (waarvoor dank)

Aan de kazerne

Aan de kazerne daar stond er op wacht
een van die vreemde soldaten.
Plots kwam een meisje van een jaar of acht,
dat bleef met die krijger staan praten.
‘t Scheen dat het meisjes onschuldig gezicht
het hart van dien krijger kwam strelen.
Misschien is het ook een vader wellicht,
want in oorlog zijn er zovele.
En weldra zag men de soldaat
met het meisje in een zacht gepraat.

En op iedere vraag die het meisje hem stelde
antwoordde hij zo blij gezind.
Zo vernam er dan ‘t arme kind
dat hij des anderendaags
optrekken moest ten velde
om te doen zijn plicht zoals d’and’re helden.

Daarop ging ‘t meisje heel droevig naar huis.
Door wat ‘t had horen vertellen
dacht het misschien: “Zal hij dien braven Pruis
mijn broeder of vader neervellen?”
Maar wat gedacht had het schaapje helaas,
‘t had gauw twee portretten genomen.
Haar spaarpot stond op de keukenkast,
ze brak het open zonder schromen
en met die centjes op zak
kocht ‘t meisje een pakje tabak

dat zij met veel spoed aan de soldaat ging geven.
De krijger was verheugd en blij
toen hij ‘t kind weerzag aan zijn zij
en zijn vaderhart voelde hij vol liefde beven,
‘t was of ‘t kleine kind hem deed herleven.

“Zie, mijnheer,” sprak het onschuldige kind,
“meer kan ik u nu niet schenken.
Als gij u ginds aan het front bevindt
zult gij dan nog eens aan mij denken?
Aanschouw de beeltenis van beiden goed,
dit is mijn vader en mijn broeder.
Zult g’hun, mijnheer, als ge ze ginds ontmoet
niet doden, voor mijn lieve moeder?
Zij beiden zijn naar d’oorlog heen,
dood hen niet, spaar ons dat geween!”

En dan den oorlogsman met zijn moedig verleden
stond daar nu bleek en aangedaan,
stort zo menig bittere traan
en hij beloofde het kind te volbrengen zijn bede,
wie weet of hij er nog is op heden.

Partituur * Aan de kazerne *
      1. instrumentaal


Aanvulling 14-6-2018

In het proefschrift “De Eerste Wereldoorlog in het Vlaamse volkslied” (2001) van Elke De Greef vonden we in de bijlagen een copie van een liedblad uitgegeven door Barbara Rusbag (°1882), een marktzangeres uit Antwerpen die de “Kinderbede” en een “nieuw lied van 1917” liet drukken. De auteur van het lied wordt niet vermeld, maar misschien is dit wel de beste bron om de “originele” tekst te reconstrueren.

Over Barbara is er een interessant proces verbaal te vinden op het Internet. Zij had volgens een andere bron 5 zussen en 2 broers waarvan er 6 stierven voor ze 2 jaar oud waren …

Tags:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.

Copyright © 1995-2019 Wreed en Plezant All rights reserved.
This site is using the Multi Child-Theme, v2.2, on top of
the Parent-Theme Desk Mess Mirrored, v2.5, from BuyNowShop.com