0

Betekenis van het lied tijdens de Brabantse Omwenteling van 1789

Posted by Johan on 4 september 2015 in Citaten |

(door Dr. J. Grietens en Dr. E. De Goeyse, Leuven, 1940, 436 pagina’s)

“De bekende Belgische bibliophiel Van Hulthem, wiens verzameling thans1 ondergebracht is in de Koninklijke Bibliotheek te Brussel, heeft in een collectie van 95 boekdeelen, meer dan 2200 schriften betreffende de Brabantsche Omwenteling bijeengebracht.

bataille de falmagne
Bemerk de “Brabantse” vlag die later model stond voor de Belgische driekleur. In 1831 besliste men om de horizontale strepen te vervangen door verticale, volgens de grondwet met het rood aan de stok en het zwart aan de buitenkant!

In het Rijksarchief te Brussel bevindt zich een verzameling afschriften van stukken in verband met den opstand tegen Jozef Il, bestaande uit 20 lijvige boekdeelen in folio.

De groote beteekenis van het lied te midden van al die geschriften blijkt reeds wanneer men bedenkt dat slechts betrekkelijk weinig menschen op dat oogenblik lezen en schrijven konden. Pirenne wijst op den achterlijken toestand van het onderwijs in onze gewesten, en vermeldt onder meer dat in 1789, amper 3 ten honderd der inwoners van Vlaanderen een school hebben bezocht.

Waar pamfletten enkel ingang vonden bij het ontwikkelde deel van de natie : de geestelijkheid, de ambtenaren, de advocaten, de kooplieden, baande het lied zich een weg tot in de meest geringe lagen van de bevolking in de steden en op het platteland.

De liederen werden aangeleerd in de vrijwilligerskorpsen, op de vergaderingen der Patriotten gezongen, door straatzangers op markten ten gehoore gebracht en verkocht. Eenvoudige, volksche verzen, gezongen op bekende wijsjes, verspreidden zich spoedig onder het volk. Men bezong het roemrijk verleden van het Brabantsche of Vlaamsche  volk, zijn aloude wetten en privilegiën, zijn liefde tot de vrijheid, zijn gehechtheid aan godsdienst en kerk ; men hekelde de hervormingen van den keizer,2 en dreef den spot met zijn vertegenwoordigers en zijn ambtenaren ; men riep op ten strijd tegen ketterij en verdrukking ; men juichte om de overwinningen, en zong lofliederen ter eere van de leiders van den opstand. Aldus heeft het lied in ruime mate bijgedragen om de gemoederen aan het gisten te brengen en het gewapend verzet voor te bereiden en aan te wakkeren. Waar het stotteren was in het begin, schoot natuurlijk met de groeiende heftigheid van het gevoel en de overtuiging, ook de taalkracht wakker bij de bekende en de onbekende dichters en mogen we, na onderzoek in gemoede verklaren, dat verscheidene dezer liederen gerust mogen gelegd worden naast het beste dat vroegere eeuwen aan vrijheidsliederen voortbrachten.

Er was immers een paroxysme van het vrijheidsgevoel, en dat brengt natuurlijk een lyrisch hoogtepunt mee. Onbekend is ook hier onbemind geweest, en men heeft zich altijd, tot hiertoe bij oppervlakkig onderzoek, laten afschrikken door de schrijfwijze, de punctuatie, en enkele minder gelukkige grammatische woordvormen van deze liederen, die metterhaast geschreven, en nog meer metterhaast gedrukt werden. En het volk kon hier nog zingen, in dien tijd, bij feest en bij avondvergadering in de familie.

Haast al de oude liederen, tot «  Van twee Conincskinderen » en « Het daghet · in den Oosten »  toe leefden nog volop, evenals «  De Vier Gasten »,  en honderd andere. De achttiende eeuw was er ten andere een zeer muzikale.”
_____________________
1 in 1940
2 Jozef II, de “keizer-koster” (1741-1790)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.

Copyright © 1995-2019 Wreed en Plezant All rights reserved.
This site is using the Multi Child-Theme, v2.2, on top of
the Parent-Theme Desk Mess Mirrored, v2.5, from BuyNowShop.com