0

Wie de schoen past …

Posted by Johan on 18 augustus 2014 in liedboeken, liederen, Spot & Ironie |

MUZ0165Een lied dat uitlegt wat het spreekwoord “Wie het schoentje past, trekke het aan” in de praktijk betekent. Het komt uit het onvolprezen boek “De geschiedenis van het Café Chantant” van Willy Lustenhouwer, Brugge 1987. Waar hij het lied vandaan haalde schrijft hij nergens; wij vonden het ook nergens anders terug…

Er is een waterkans dat Willy het zelf schreef voor 1 van zijn talloze revues, maar op de LP’s die we daarvan in ons bezit hebben staat het alvast niet. Het lijkt anderzijds dan weer fel op de stijl van Karel Waeri, terwijl het inhoudelijk ook goed bij Andreas De Weerdt uit Antwerpen past.

Het lied telt oorspronkelijk 8 strofen – nog een aanduiding dat het uit Waeri’s of De Weerdt’s tijd kan stammen – maar wij zingen er maar 4 van om de aandacht van de rusteloze hedendaagse toeschouwer lang genoeg te kunnen vasthouden… De strofes die wij overslaan staan in schuinschrift.

De redelijk eenvoudige melodie komt ons niet bekend voor, we vertrouwen volledig op de uitgeschreven versie uit het boek van Lustenhouwer.

‘k Heb hier weer een spreekwoord, allen,
dat mij stof geeft tot een lied.
Mocht het echter niet bevallen,
werp mij toch met stenen niet.
Is het mooglijk, ik zal trachten,
dat mijn lied u aan mag staan.
’t Spreekwoord luidt aldus mijn vrienden:
wie de schoen past trekt hem aan.

’t Spreekwoord luidt aldus mijn vrienden:
wie de schoen past trekt hem aan.

Op deez’ wereld zijn er velen
op wie ’t spreekwoord passen kan,
Ook zal ’t onmeedogend zwepen,
die ’t verdient, krijgt er van,
‘k Zal hen onbermhertig gees’len,
die van ’t rechte pad afgaan,
Opgepast dus plichtverzakers,
wie de schoen past trekt hem aan

Schrikk’lijk duur is thans het leven,
en niettegenstaande dat,
ziet men mans met hele hopen,
hier en in de grote stad,
die in plaats van werken, brassen
en aldus ook menig traan,
vrouw en kind’ren deden storten:
wie de schoen past trekt hem aan,

vrouw en kind’ren deden storten:
wie de schoen past trekt hem aan.

Vrouwen zijn er ook te vinden
die in plaats van werk te doen,
dat zij dienen te verrichten
gaan komméren tot de noen.
Tracht de man hen diets te maken
dat het zo niet voort kan gaan,
zie, dan zenden zij hem wand’len,
wie de schoen past trekt hem aan,

zie, dan zenden zij hem wand’len,
wie de schoen past trekt hem aan!

Winkeliers vindt men ter stede,
en die zijn er zelfs niet raar,
Die ons onbeschaamd verkopen,
vals’ in plaats van echte waar,
Om hun beurze goed te vullen,
alles durven zij bestaan,
‘k Noeme niemand, doch ‘k zal zeggen,
die de schoen past trekt hem aan (bis)

Mannen worden ook gevonden,
die van Vlaamse afkomst zijn,
Doch maar altijd Frans parleren,
Frans? Ja, als ’n koe latijn.
Sukk’laars tot u zal ik zeggen,
dat ge van de rechte baan
sedert lang zijt afgeweken,
wie de schoen past trekt hem aan (bis)

Politieke tikkenhanen,
u ook geef ik van de plak,
liberaal zijt gij op heden,
liberaal? Ja, voor uw zak!
Morgen reeds ziet men u pralen
met de klerikale vaan,
als men u maar wil betalen,
wie de schoen past trekt hem aan,

als men u maar wil betalen,
wie de schoen past trekt hem aan!

Laat ons thans van dokters spreken,
en dit zal voor ’t laatste zijn,
Want voor hen doe’k ook geen water,
neen geen water in mijn wijn,
Luistert, ga hen nooit ten rade,
wilt ge naar de maan niet gaan,
‘k Zeg u dokters, voor het laatste,
past u ’t schoentje? Trekt het aan (bis)

Partituur * Wie de schoen past … *
      1. instrumentaal

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.

Copyright © 1995-2019 Wreed en Plezant All rights reserved.
This site is using the Multi Child-Theme, v2.2, on top of
the Parent-Theme Desk Mess Mirrored, v2.5, from BuyNowShop.com