0

Een reis naar de maan

Geplaatst door Johan op 27 juni 2013 in liedboeken, liederen, Spot & Ironie |

002-De reis naar de maanIn het boekje “De Vroolijke Zanger”, uitgegeven te Diest in 1905 door A.J. Van Winkel staat – althans volgens citaat in “De Vlaamsche Zanger – deel 2”, het originele boek hebben we niet – dit lied over een door Jules Verne populair gemaakte droom: een reis naar de verre maan.
We hebben dit lied niet teruggevonden op marktzangersblaadjes, het zal wel beperkt gebleven zijn tot uitvoeringen in café-chantants of op teerfeesten.
In tegenstelling tot Jules Verne doet Van Winkel geen enkele poging om zijn fantasieën wetenschappelijk te onderbouwen. Integendeel, al van in het eerste vers is het voor de meeste toehoorders duidelijk dat het puur ironie en fantasie betreft, want met een luchtballon boven de atmosfeer uitstijgen? Hoewel, toch niet vergeten dat rond de eeuwwisseling een groot deel van de Vlaamse plattelandsbevolking nog steeds ongeletterd was…
In feite is het lied kort samen te vatten: al wie we hier op aarde ooit “loop naar de maan” toewensten blijkt daar inderdaad ook rond te lopen. En ook wat wij nu “naar de vaantjes” of “om zeep” zouden noemen is “naar de maan”.
De muzikale begeleiding zou de tekstschrijver zelf bedacht hebben en dat nemen we grif aan want nergens komt de opgegeven melodie ons bekend voor.

Een reis naar de maan

‘k Heb onlangs naar de maan een reis per luchtballon gedaan,
en in ‘t voorbijgaan onderzocht hoe daar de zaken staan.
Nu maken ons geleerden wijs: daarboven kraait geen haan;
maar ‘t was er druk als in Parijs, ‘t was eivol op de maan.

Gij vraagt mij dan, wat ik daar zag; Och, denk maar even aan:
al wat zoo al sinds jaar en dag verwenst is naar de maan.
Al wat op kermis of in kroeg, café of restaurant
een drinkebroer door ‘t keelgat joeg, ‘t is alles naar de maan.

‘k Zag menig lief fortuintje, dat behoord had aan een kwast,
kasteel met adelbrief en schat in een, twee jaar verbrast,
met équipages keurig fijn en koffers vol gelàan;
en ‘k meen wel duizend flessen wijn, ‘t was alles naar de maan.

Voorts grijnsd’een berg van tongen me aan, ‘t was vrouweneigendom;
de mannen wensten naar de maan de vrouw met hàar gebrom.
‘k Zag boeken, lessenaar en pen met meesters vol van waan;
De lieve jeugd wenst’eenmaal hen Vol drift maar naar de maan.

Van meiden en Madams was ‘t vol, ‘t was meest zo toegegaan:
de meid dacht: Ach! Madame is dol en zei: loop naar de maan!
Waarop mevrouw in drift ontstak en op haar teen ging staan;
natuurlijk moest met pak en zak De meid ook naar de maan.

‘k Zag menig suikertante en oom nog fris en welgedaan,
die neefje lief zo braaf en vroom maar wenste naar de maan.
Ook bromd’ een massa mannen daar, die eens om zich t’ ontslaan,
door hunne lieve vrouwen maar verwenst zijn naar de maan.


Partituur * Een reis naar de maan *
melodie

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.

Copyright © 1995-2019 Wreed en Plezant Alle rechten voorbehouden.
Deze site is met behulp van deMulti kind-thema, v2.2, bovenop
het bovenliggende themaDesk Mess Mirrored, v2.5, vanBuyNowShop.com