3

Johanna, een meisje van zeventien jaar

Geplaatst door Johan op 14 november 2012 in liederen, Over Moord & Rampen, Spot & Ironie |

Overbekend van cantussen of kampvuren, het vreselijke verhaal van “Johanna, een meisje van zeventien jaar” dat belaagd en bedrogen werd door een drankzuchtige schoenlapper en zichzelf dan maar met een vlijmscherp mes doormidden sneed omdat ze de schande niet kon dragen.

Het is meteen duidelijk dat we hier te doen hebben met een parodie op de moordliederen van de marktzangers, waar het bloed rijkelijk vloeit en de emoties hoog oplaaien.

Plaatopname 1975

Het lied werd in 1940 gepubliceerd in het bundeltje “Liedjes van Alex De Haas” door de gelijknamige Nederlandse cabaretier (1896-1993) onder de titel “De noodlottige geschiedenis van Johanna en de booze schoenlapper”. Het werd in 1952 op bladmuziek uitgegeven door Basart en De Haas zong het zelf in 1967 voor een LP met hoogtepunten uit zijn repertoire. In 1975  werd het overbekend door de plaatopname van Rijk De Gooyer en bij ons & veel later door de versie van “De Veske Voljeir” op hun LP “Vogelvlucht” (1998).

Alex De Haas was – als zoon van cabaretier Nico De Haas – voorbestemd om in de Nederlandse theaterwereld te schitteren. Dat deed hij dan ook en hij schreef liedjes voor de bekendste (nederlandse) artiesten van het midden van de 20e eeuw: Lou Bandy (“Het meisje met de blauwe hoed“), Bob Scholte (“Amsterdam bij nacht“), enzovoort. Wij gedenken en bedanken hem vooral omdat hij een unieke en omvangrijke verzameling opbouwde van liedjespartituren die na zijn dood – en ondanks zijn uitdrukkelijke wil om alles te verbranden –  in het Theater Instituut Nederland belandden en die een tijdje geleden allemaal consulteerbaar waren via het Internet.

Maar De Haas inspireerde zich voor dit lied zeer duidelijk op een Duits (volks)lied dat voor het eerst werd gepubliceerd in “Liedersammlung Musenklänge aus Deutschlands Leierkasten” (1849) als “Sabinchen war ein Frauenzimmer“. Ook dat was zichtbaar een parodie op de marktzangersliederen en de personages komen vrijwel overeen met de tekst van De Haas, en ook de melodie bewijst dat De Haas het Duitse liedje kende.

 

Sabinchen war ein Frauenzimmer,
Gar hold und tugendhaft
Sie diente treu und redlich immer
Bei ihrer Dienstherrschaft.

Da kam aus Treuenbrietzen
Ein junger Mann daher,
Der wollte so gerne Sabinchen besitzen
Und war ein Schuhmacher.

Sein Geld hat er versoffen
In Schnaps und auch in Bier
Da kam er zu Sabinchen geloffen
Und wollte welches von ihr

Sie konnt ihm keines geben
Drum stahl sie auf der Stell
Von ihrer treuen Dienstherrschaft
Sechs silberne Blechlöffel

Doch schon nach siebzehn Wochen
Da kam der Diebstahl raus,
Da jagte man mit Schimpf und Schande
Sabinchen aus dem Haus

Sie sprach “Gottvergessener
(Sie rief: Verfluchter Schuster )
Du rabenschwarzer Hund!”
Der nahm sein krummes Schustermesser
Und schnitt ihr ab den Schlund.

Ihr Blut zum Himmel spritzte
Sabinchen fiel gleich um;
Der böse Schuster aus Treuenbrietzen,
Der stand um sie herum

Sie tat die Glieder strecken
Nebst einem Todesschrei
Den bösen Wicht tun jetzt einstecken
zwei Mann der Polizei

In einem finstren Kellerloch
Bei Wasser und bei Brot,
Da hat er endlich eingestanden
Die schaurige Freveltot

Und die Moral von der Geschicht
Trau keinem Schuster nicht!
Der Krug, der geht so lange zum Wasser
Bis daß der Henkel bricht

Der Henkel ist zerbrochen
Er ist für immer ab
Und unser Schuster muß nun sitzen
bis an das kühle Grab

Zoals gewoonlijk voor 19e eeuwe liederen ontbreekt het refrein; dat heeft De Haas naar hedendaags gebruik toegevoegd. Hij zorgde ook voor een extra grappige noot door in het rijm moedwillig verkeerde klemtonen te leggen.

Wij baseerden ons op die versie van Alex De Haas uit 1940, maar als we het één enkele keer live zingen (als eventueel bisnummer, zonder vermelding op het liedblad) durven we het wel eens vereenvoudigen en het refrein beperken tot “Johanna, Johanna, een meisje van zeventien jaar.”

Johanna een meisje van zeventien jaren,
een lief en aardig ding
die had op het gebied van de liefde
totaal geen ervaring.
Zij was een aardig meisje, bedrijvig als een hen
zij diende bij begoede familie
als meisje van halve dagen

Johanna, Johanna, als meisje van halve dagen
Johanna, Johanna, als meisje van halve dagen

Toen is in haar leven de liefde gekomen
van heinde en van ver
Het was een arme schoenlappersleerling
die stonk naar jenever
Hij had zijn laatste centen, aan borrels neergeteld en
eiste om de rest te betalen
van ‘t meisje haar spaargeld

Johanna, johanna, van ‘t meisje haar spaargeld
Johanna, johanna, van ‘t meisje haar spaargeld

En toen ze dit niet direct wilde geven
stak hij haar met zijn els
en stal toen uit de la der familie
de zilveren eetlepels
En toen de misdaad uitkwam, verdacht men ‘t arme wicht
Met schande beladen werd zij ontslagen,
toch was zij onschuldig.

Johanna, Johanna, toch was zij onschuldig.
Johanna, Johanna, toch was zij onschuldig

Zij kon de schande niet langer verdragen,
zette ‘t scheermes in haar vel
en sneed zich compleet in twee halleve delen,
het bloed spoot ten hemel
Daar lagen nu twee delen, te zamen slechts één lijk
De vrijer die naar ‘t lichaam kwam kijken,
die bibberde vreselijk!

Johanna, Johanna, die bibberde vreselijk!
Johanna, Johanna, die bibberde vreselijk!

Hij kon zijn misdaad niet langer verhelen,
men sloot hem in een hok
en daar de galg toevallig bezet was
stierf hij op het kapblok
En wat nu de moraal is al van dit schone vers:
ga braaf en deugdzaam steeds door het leven,
maar hoedt u voor schoenlappèrs.

Johanna, Johanna, maar hoedt u voor schoenlappèrs
Johanna, Johanna, maar hoedt u voor schoenlappèrs

Partituur * Johanna, een meisje van 17 jaar *
      krakende plaatopname van ? Tony Geys ? (fragment)

3 Commentaren

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Auteursrecht © 2000-2018 Wreed en Plezant Alle rechten voorbehouden.
Deze website gebruikt het Multi Child-Thema, v2.2, bovenop
het Hoofd-Thema Desk Mess Mirrored, v2.5, van BuyNowShop.com